"Het onmogelijke mogelijk maken."

"Het is een beetje druk, ja."

Wat supervisor Guy Ronsse zegt op de eerste productiedag na de vrije dagen van Allerheiligen, moet zowat het understatement van het jaar zijn.

Héél druk!
Een beetje druk? Zeg maar zéér druk! Het is woensdagmorgen, de eerste werkweek na de herfstvakantie. Op en naast de dashboardlijn in de Eindassemblage staat er veel volk. Operatoren, lijnbevoorraders, heftruckchauffeurs, leidinggevenden, maar ook ondersteuners van verschillende afdelingen zijn druk in de weer.

Op de dagelijkse productiemeeting geeft Luc Verhaest - duidelijk vermoeid - een korte stand van zaken. "Het was een zonnig Allerheiligenweekend, maar eigenlijk was het hier net zo druk als tijdens de vakantiewerkzaamheden. Iedereen heeft ongelooflijk hard gewerkt. En we zijn redelijk goed opgestart. Er zijn nog problemen, zoals te verwachten - software, ontbrekende onderdelen, de operatoren moeten de routine nog krijgen - maar die pakken we wel stuk voor stuk aan." Achteraf zegt hij: "Eigenlijk was het onze uitdaging om het onmogelijke mogelijk te maken."

En wat dat "onmogelijke" is, legt Luc De Vuyst (Industrial Engineering Eindassemblage) uit. "We zijn van nul af begonnen," zegt hij. "We moesten leren hoe een dashboard in elkaar zit. Dan moesten we de processen uittekenen, hoe je een dashboard weer opbouwt. De balansen uitrekenen. Begin september hebben we de teambegeleiders vrijgemaakt, een maand later werden de operatoren geselecteerd. Vorige week [week 43] deden we de eerste testen op de lijn. We hebben een hectisch weekend achter de rug. Ja, voor de meesten was het een mooi Allerheiligenweekend, maar hier werd er door iedereen heel hard gewerkt. Toen we hier minder dan zes maanden geleden aan begonnen, zei iedereen: ‘Dat gaat niet lukken’. En het is precies dàt wat iedereen zo gemotiveerd heeft. Doen wat iedereen voor onmogelijk hield."

(Lees verder onder de fotobalk.)

Wat voorafging
In de aanloop naar het nieuwe CMA-platform besliste de Aankoopafdeling van Volvo om het contract met toeleverancier SAS Automotive niet te verlengen. Meer dan tien jaar geleden werd een grote outsourcingsoperatie opgestart, en werden heel wat taken uitbesteed. De belangrijkste reden was plaatsgebrek in de fabriek. "Nu is de situatie anders," zegt fabrieksmanager Eric Van Landeghem. "De processen werden een pak efficiënter, en er werd veel ruimte uitgespaard. Voldoende om enkele processen weer naar Volvo Car Gent te halen, waardoor we de logistieke en assemblageprocessen verder kunnen optimaliseren. Het plan was om te beginnen met de dashboardassemblage voor het nieuwe, eerste model op het CMA-platform dat in 2017 in productie wordt genomen. SAS zou blijven produceren voor de andere modellen, tot die uit productie zouden gaan."

Maar de directie van SAS Automotive besliste er anders over, en maakte gebruik van een clausule in het contract om de leveringen per direct stop te zetten. Volvo kon nog een verlenging met vier maanden bedingen, maar dan was het gedaan. "Ik heb begrip voor de ontgoocheling bij de medewerkers van SAS," zegt Eric Van Landeghem. "Ik moet hen dan ook bedanken om tot de laatste productiedag aan de slag te blijven en dasboards te blijven aanleveren."

Van nul beginnen
Dat betekende dat Volvo Car Gent zich op vier maanden tijd moest voorbereiden op een nieuwe assemblageactiviteit, zonder medewerking van SAS Automotive. Hoe begin je aan zoiets? "We vertrokken van enkele schrootdashboards," zegt Nicky De Cauwer van Industrial Engineering. "Die hebben we helemaal uit elkaar gehaald. En dan zijn we beginnen puzzelen. Hoe steek je dat weer in elkaar? Wat is de beste volgorde? Hoe zet je dit om in cyclussen van ongeveer 60 seconden? Daarvoor was de inbreng nodig van heel wat disciplines: Productie, Process- en Product Engineering, Tooling en Equipment, de afdeling Kwaliteit en nog vele anderen. Alles werd uitgetekend en omgezet in PII's, ofwel: Process & Inspection Instructions - een gedetailleerde opsomming van montage-instructies. En deze instructies werden dan weer verder opgebouwd tot balansen, tot de montageactiviteiten die passen in de cyclustijd van ongeveer 60 seconden.”

Vorig jaar haalde Volvo Car Gent de activiteiten binnen van Johnson Controls Interior, maar dit was een andere situatie: Hier moesten we van nul vertrekken, en alles zelf ontdekken. Nicky: “We hadden wel steun van de Zweedse collega's van Research and Development, zij die het dashboard ontwikkelen. Want het is best wel een complex stuk, met veel varianten, en complexe onderdelen: de verwarmings- en koelingunit, elektronische modules, de kabelboom, de stuurstang, het instrument panel - zeg maar 'de combiné - de verschillende displays, het handschoenenkastje, luidsprekers, en pluggen... En schroeven. Héél veel schroeven!"

Met de hulp van R&D hopen ze het ontwerp wat te kunnen vereenvoudigen, en ze hebben alvast al enkele schroefvarianten kunnen elimineren. Om die reden is er ook een Zweedse collega van R&D aanwezig. Kalju Ojasoo, met Estse roots, vond het alvast een enorme verrijking om mee te werken aan het industrialisatieproces. "Zo kunnen we het design in de toekomst verbeteren, om het te vereenvoudigen zodat het gemakkelijker kan geassembleerd worden," zegt hij.

Van één naar meer dan 50 leveranciers
Het project heeft ook een grote impact op de logistiek. Tot vorige week hadden we maar één leverancier, nu hebben we er meer dan vijftig. "In totaal komen er 500 verschillende stuknummers toe, van 57 leveranciers" zegt Marie-Anne Criel. "SAS Automotive besloeg een oppervlakte van 12.000 vierkante meter; hier hebben we maar 3.000 vierkante meter beschikbaar. Daarom moesten we ook een logistiek center in het Skaldenpark opstarten. We vergeten dit soms, maar de opstart van LC4 was op zich al een behoorlijk zwaar proces."
Tijdens de afgelopen maanden hebben we intens samen gewerkt met deze leveranciers om alle stukken tijdig in VCG geleverd te krijgen. Zo hebben we de 19 nieuwe leveranciers naar Gent uitgenodigd op een Supplier Day. "Niet alles is van een leien dakje gelopen en met enkele leveranciers hebben we nog dagelijkse afstemming omtrent de leveringen," zegt Marie-Anne.
"SAS Automotive besloeg een oppervlakte van 12.000 vierkante meter, waar alle onderdelen werden opgeslaan en geassembleerd. Omdat in VCG slechts 3000 m² beschikbaar waren om dezelfde activiteiten uit te voeren hebben we een extra magazijn in de Skaldenstraat gehuurd voor de logistieke activiteiten, ons logistiek center nummer 4 (LC4). We vergeten dit soms, maar bij de opstart van dergelijk logistiek center komt er heel wat kijken. Een viertal weken geleden kregen we de sleutel van een lege hall van 8000m² die volledig “logistiek” klaar diende gemaakt te worden. Het voorbereidende werk van de laatste maanden diende in realiteit te worden omgezet. En dan denken we aan : sprinkler installatie, opzetten van opslag rekken, IT processen, sociale ruimtes …. Een huzarenstuk in zo’n korte tijdspanne. Van een computer gestuurd automatisch warehouse bij de leverancier zijn wij gestart met een manueel proces , een enorme uitdaging op zich omdat er gewoon geen tijd was voor een andere benadering. Om alle deze nieuwe processen draaiende te houden zijn er zo’n 100 nieuwe medewerkers gestart."

Marie-Anne is onder de indruk van wat er al gepresteerd werd, maar ziet dat er nog één en ander misloopt. "De stukken komen goed binnen, maar de info zit nog niet correct in de systemen. Hier is nog werk aan de winkel. Maar ook dit klaren we wel. Dat we al zover staan, is een mooi staaltje van samenwerking. Ik noem dat: de Volvo-spirit!"

Een klus voor IT
Om dit project mogelijk te maken, heb je natuurlijk ook de nodige IT-systemen en -infrastructuur nodig. Dat is zowel voor de ondersteuning van het assemblageproces, maar ook voor de kwaliteitssystemen, het logistieke beheer en ons kwaliteitssysteem ATACQ. Op de dashboardlijn hebben we draadloos netwerk geïnstalleerd, om alle pneumatische moersleutels (nutrunners) elektronisch te sturen. Ook het controlesysteem Poka Yoke (dat ervoor zorgt dat de operator het juiste onderdeel monteert) moet gelinkt zijn aan het Building Information System (BIS). De IT-systemen zorgen er ook dat er informatie wordt doorgestuurd naar de Siemens PLC's en de dashboardrobots wat verder op de lijn. Het is ook nodig om sommige gegevens te bewaren, en daar heb je natuurlijk ook IT voor nodig.
De informatietechnologie speelde ook een grote rol bij het opzetten en beheren van het nieuwe logistieke centrum (LC4), want alle nieuwe onderdelen moesten ingepast worden in de materiaalbehandelingssystemen (CRAM en AMA).

"Er waren enkele problemen die we niet hadden zien aankomen," zegt Toine Dirven, hoofd van IT. "Maar we hebben ze kunnen oplossen. In LC4 waren er problemen met de stroomvoorziening, en de nieuwe nutrunners communiceerden niet goed met het netwerk. Met de materiaalflow, die aanvankelijk niet goed liep, kwam het uiteindelijk ook goed. Zodat we blij zijn dat IT ook zijn steentje heeft bijgedragen tot dit bijzonder veeleisende project."

De lijn draait
Ook Björn Bettens en zijn team van equipment engineers hebben erg hard gewerkt. Zij installeerden de assemblagelijn, braken de oude buffer af, zorgden voor de transportsystemen en de fixturen, en voor alle lijnfaciliteiten, zoals de andonborden, de nut runners, de prebossen en de fixturen. Er werd zeer grondig voorbereid, maar uiteindelijk moest alles op vier dagen tijd gebeuren. "De timing was zeer, zeer krap," zegt Björn. "Dat zorgde ervoor dat we onze leveranciers continu onder druk moesten zetten. ik dank al mijn collega's voor hun onvermoeibare inzet. Wat we gepresteerd hebben, is een huzarenstukje. En kijk maar (hij wijst op de lijn die draait): het werkt. Just in time!"

Dat er had gewerkt werd, kan zijn collega Frank Van Waes beamen. "Ik werk eigenlijk vier vijfden," zegt hij. "Maar de laatste maanden werkte ik eigen zeven vijfden!"

Anja Raman en Jonas De Ridder werkten als process engineers aan dit project. “Er zijn nog problemen op te lossen, maar dat was te verwachten met het opstarten van een compleet nieuwe activiteit, de assemblage van een complex onderdeel zoals het dashboard, met een pak nieuwe leveranciers, … en met de tijdsdruk die echt ongelooflijk was. Als ik zie wat we gepresteerd hebben op amper vier maanden, dan kan ik alleen maar zeggen: een knap staaltje teamwerk.” Jonas De Ridder werkte vroeger bij Johnson Controls, en maakte mee hoe we op Volvo Car Gent van start gingen met de assemblage van de dakbekleding en de tunnelconsole. “Maar dit was iets helemaal anders,” zegt hij. “We moesten van nul af beginnen om te zien hoe je dit onderdeel op de beste manier assembleert.”

En ja, de lijn draait. De operatoren van namiddagshift kwamen anderhalf uur vroeger op, om te overleggen met hun collega's van de vroege shift. Teambegeleider Ben Creyf helpt één van zijn teamleden met de montage van de kabelboom. Franky De Craene is superintendant van deze zone, en hij is blij dat we na vele weken van intense voorbereiding in de productiefase zitten. “De inspanningen van heel veel mensen waren echt grenzeloos,” zegt hij. “De impact op de productieorganisatie was groot – eerst de teambegeleiders vrijmaken, en dan de operatoren, en tenslotte heel veel opleiding geven voor een montageactiviteit waar we geen ervaring in hadden. En dit doen draaien in de drie shiften. Uiteindelijk werken er hier toch een tweehonderdtal personeelsleden, en het is allemaal nieuw voor hen. Bravo aan de operatoren en leidinggevenden – wat een inzet! In het begin liep het nog wat stroef, en het is nog wat zoeken naar de routine, maar dat komt er binnenkort zeker.”

Uiteindelijk heeft heel GC de impact van de nieuwe activiteit gevoeld. “Uit heel de fabriek hebben we teambegeleiders, operatoren en supervisors uitgekozen voor de opstart,” zegt Franky. “En dat terwijl het al zeer druk was, met veel overwerk, en met veel nieuwkomers. Het is mooi dat heel de organisatie hier zijn schouders onder gezet heeft; en ook de vakbonden hebben positief bijgedragen. Het team dat we hier verzameld hebben durf ik gerust de ‘crème de la crème’ noemen, dat met veel inzet, ook op de feestdag van 1 november, de dashboardassemblage heeft voorbereid en opgestart. Technisch is nog niet alles OK, de logistiek moet nog in zijn plooi vallen, het tempo moeten we nog in de vingers krijgen, maar we komen er wel.”

Franky dankt ook nog de mensen van SAS: “Ze hebben tot het laatste dashboards geleverd, op tijd, en met de juiste kwaliteit. Ze hebben een fantastische job gedaan.”

“Vergelijkbaar, maar toch anders”
Khella Gavero kijkt inderdaad nog een beetje onwennig. Het is haar eerste productiedag op Volvo als uitzendkracht. Tot voor twee weken week was ze interimoperator bij SAS Automotive, dus met de dashboardassemblage is ze wel wat vertrouwd. "Maar toch doet Volvo het heel anders," zegt ze. "Bij SAS deden we deze montage anders, in een andere volgorde, op een andere manier. Maar het went wel. Ik hoop dat ik hier mag blijven."

"We komen er wel"
De twee supervisors, Guy Ronsse en Stefaan Van Driessche, observeren alles. Ze staan pal in het midden op een klein plateau. "Van hier hebben we een goed overzicht, en we kunnen de andonborden in de gaten houden," zegt Guy. Hij noteert alles in een notitieboekje. Ze lijken wel twee kapiteins op een schip. Veel tijd om te praten hebben ze niet, maar een grapje kan er altijd wel af.

"Ja, het is een beetje druk," zegt Guy. "Er zijn, zoals te verwachten, nog enkele problemen op te lossen. De logistieke flow loopt nog niet zoals het hoort. En de operatoren moeten de montages nog in de vingers krijgen, dat vraagt wat tijd. Maar we komen er wel."

Naar boven